Bij wandering (letterlijk: dwalen) gaat het om het opdoen van onverwachte en ongeplande ervaringen met als doel verwondering en (leren) openstaan voor het onbekende en toevallige. De spirituele les hiervan zit in de aandacht voor je omgeving, andere mensen en indrukken. Het mooie aan wandering is dat het heel snel een “habit” kan worden. Ook als je het niet organiseert zul je sneller open staan voor nieuwe indrukken.

Oefening:

Bedenk voor jezelf een wandering oefening. Deze moet bestaan uit twee onderdelen: 1) toevallig gedrag (bijvoorbeeld met een dobbelsteen) en 2) aandacht voor datgene wat je tegenkomt (gebruik je zintuigen zeer goed bij alles wat je ziet, hoort, ruikt, proeft en voelt).

Voorbeelden:

  • Je gaat wandelen, de hond uitlaten of fietsen. Kies om steeds 2x linksaf en dan 2x rechtsaf te slaan. Gebruik kop/munt of een dobbelsteen om je richting te bepalen
  • Ga naar een groot treinstation. Dobbel welk perron je neemt. Daarna de trein die je van dat perron pakt en als laatste het perron waar je uitstapt.
  • Ga uit eten. Gooi met een dartpijl op een kaart of kies met een dobbelsteen de straat. Kies het “zoveelste” restaurant. Kijk niet op de kaart, maar laat je verrassen door de ober. Of werp een dobbelsteen en kiest dat gerecht.
  • Wandering oefening door wikipedia: Kies een random artikel, prik willekeurige letters en zoek er een onderwerp bij. Ken je het onderwerp al, begin dan overnieuw. Lees op deze manier iets over 10 onderwerpen waar je nog nooit iets over wist. 
  • Ga naar een bibliotheek en kies verdieping of pad A, kast B, hoogte C, boek D. Lees minstens 10 bladzijden uit dat boek.

Zie ook deze website van de Wandering Society. Hier worden ook suggesties gedaan voor creatieve expressies rondom Wandering.